Brief 25

Guttentag herr Nick, Laura,


Allereerst, wat leuk om je in je vorige brief eens van een andere kant te leren kennen. Persoonlijk had ik altijd zo’n beetje het volgende beeld in mijn hoofd op de momenten dat ik aan je dacht (klinkt een beetje als een vies oud mannetje, maar goed het schijnt dat ik ook 33 ben tegenwoordig): recht-door-zee, grote-mond-klein-hart, lekker-op-de-voorgrond, goedlachs-leidinggevend en staat-haar-mannetje-wel. Je snapt dat je opmerking over Harry Potter alles heeft veranderd. Nu wel, je vraag over de typische Horenees of Horenaar. Laat ik daar eens over uitweiden.


Het is 16 juni 2017. Helaas lijken de weergoden schijt te hebben aan het feit dat het een lentedag behoort te zijn. Wolken zonder vorm en met een nietszeggende kleur hebben geen idee wat ze daar boven in de lucht eigenlijk aan het doen zijn. Een paar treurige miezerdruppels kwakken zich tegen de voorruit, doen een poging elegant naar beneden te druipen, maar worden al jammerend door de ruitenwisser op straat gezwiept. De een sluit zich aan bij een troebele plas, de ander kan wel door de grond zakken. Ik weet precies hoe ze zich voelen.

Nog geen uur geleden zette ik na 5 maanden, 17 dagen en een rammelende vlucht van 14 uur een eerste stap op Nederlandse polderbodem. Verwend door de geur van curry’s, het vredelievende van hectiek en de laidback Indiase oom van vader tijd, komt dit lage landje grauw op mijn dak. Grijs, geurloos, geometrisch en gedegen. Als kersverse ex-backpacker laat ik me bijna uitspraken ontlokken als: “not all those who wander are lost” en “travel is an investment in yourself”. Op een heel zwak moment betrap ik mezelf zelfs op de welbekende ik-ben-super-interessant-op-reis-geweest-uitspraak: “hoe zeg je dat ook alweer in het Nederlands?” Goed je snapt hem; lang op reis geweest, goed gebruind blanco teruggekomen en nu? Waar ga je heen? Waar begin je opnieuw? Tsja, dan is er maar één geloofwaardig antwoord. Den Hoorn.

Als kakelverse inwoner van Den Hoorn ben ik wat betreft dorpsgebruiken en rituelen dan natuurlijk nog nat achter de oren. Daar moet dan ook snel verandering in komen, als partner van een Kleijweg sla je anders een modderfiguur. Eind juni 2017 zit ik met een kladblok in de achtertuin van de Willie nummer 7 met de muziek van de Maxima’s op de achtergrond en schets een actieplan. Stap 1: verjaardag vieren in De Put. Stap 2: iedere zondag met wat vrienden jeu de boules op het Wilhelminaplein. Stap 3: niemand meer door de voordeur naar binnen laten. Stap 4: vrienden maken met de lokale slijter. Stap 5: de tekst van die Maxima’s in m’n kop stampen. Stap 6: kannen halen bij de lokale SV en de vele doelpunten van Nick Keijzer bewonderen. Ik kan je zeggen, tot aan stap 5 is het aardig gelukt. Die kannen van stap 6 gingen ook nog wel.

Nick, vriend, collega, compagnon. Leuk dat je ook meeleest. Stelt me meteen in de gelegenheid om je toch nog eens een voetbalgerelateerde vraag te stellen. Zo midden in de spanning van het Europees Kampioenschap, hoe schat jij de kansen van Sifan Hassan op de Olympische 1.500 meter?

Später.

Tim

Copyright Uitgesproken Gasten 2021 Alle rechten voorbehouden